| Leerresultaten |
1.Planmatig begeleider van leerlingen met specifieke onderwijsnoden
1.1.
Een positieve grondhouding bezitten met betrekking tot de mogelijkheden en toekomstkansen van de leerlingen
Op zoek gaan naar kennis en advies omtrent de ontwikkelingsmogelijkheden van kwetsbare leerlingen
Geloof tonen in de mogelijkheden tot ontwikkeling van iedere leerling, hoe beperkt of verstoord de ontwikkeling ook mag zijn
Verdedigen van het recht op persoonlijke ontwikkeling en de ontplooiingskansen van ieder kind
Actief op zoek gaan naar ontwikkelingsmogelijkheden via observatie, interactie en via gebruik van beschikbare hulpmiddelen
Het recht op communicatie en sociaal contact erkennen als fundamentele behoefte en als voorwaarde tot leren
Zich actief inzetten tegen elke vorm van achterstelling van elke leerling
Getuigen van een doordacht en volgehouden engagement t.a.v. elke leerling in alle omstandigheden
1.2.
Gegevens verzamelen, selecteren en ethisch correct hanteren als basis voor een goede beeldvorming van de leerling en herkenning van zijn noden
Signalen zien van problemen bij leerlingen
Herkennen en benoemen van signalen van leer-, gedrags- of ontwikkelingsproblemen bij de leerling
Beluisteren van het beeld dat CLB, collega’s en ouders geven van een leerling met speciale noden
Bevragen van collega’s omtrent diagnostische gegevens, schoolloopbaan en andere relevante informatie betreffende de leerlingen
Zich bewust zijn van de vereiste om deontologisch om te gaan met gegevens van leerlingen
In alle omstandigheden deontologisch correct omgaan met de gegevens van individuele leerlingen en hun omgeving
Actief op zoek gaan naar informatie om zich een totaalbeeld te kunnen vormen van een leerling met een specifieke ondersteuningsvraag
Leerlingen kritisch en gedetailleerd observeren over een langere periode
Kennis bezitten van handelingsgerichte diagnostiek, diagnostische instrumenten en hun toepassingen
Gebruik maken van diagnostische gegevens, observaties en informatie uit de brede context (schoolloopbaan, gezin, ruime omgeving)
Gebruik maken van kennis van specifieke ondersteuningsvragen als duiding en als achtergrondinformatie
Selecteren van de meest relevante gegevens als basis voor een voorlopige beeldvorming van de leerling
Een hypothese kunnen formuleren omtrent de oorzaken en de aard van grote leer-, gedrags- of ontwikkelingsverschillen bij individuele leerlingen, rekening houdend met alle beschikbare gegevens
De ondersteuningsvraag steeds verder verfijnen, rekening houdend met het kind in zijn context, incl. beperkende en beschermende factoren
Een essentiële ondersteuningsvraag afleiden uit de beeldvorming
De observaties correct interpreteren vanuit meerdere referentiekaders in overleg met het team
Een uitgebreider en geïntegreerde beeldvorming van de leerling weergeven op basis van observaties in de dagelijkse schoolcontext en nieuwe informatie uit de omgeving
Uit de beeldvorming verschillende mogelijke ondersteuningsvragen afleiden en beoordelen vanuit verschillende referentiekaders
1.3.
Individuele doelen formuleren en gebruiken als basis voor de planning, uitvoering en opvolging van de begeleiding en het onderwijs van de leerling met speciale noden
Bereid zijn doelen aan te passen aan de individuele noden van leerlingen
De nood erkennen aan systematische begeleiding van individuele leerlingen
Op zoek gaan naar voorschriften en tips omtrent de aanpak van leerlingen met speciale noden
Bereid zijn tot intensieve en individueel aangepaste evaluatie van leerlingen
Op basis van de ondersteuningsvraag relevante doelen selecteren uit ondermeer de “eindtermen” en de ontwikkelingsdoelen, rekening houdend met een breed toekomstperspectief van de leerling en met de gegeven context
Vanuit de geselecteerde doelen prioritaire doelen koppelen aan de ondersteuningsvraag, op individueel en op groepsniveau
Steeds creatief op zoek gaan naar nieuwe stappen, hoe klein ook, in de ontwikkeling die de toekomstkansen zinvol verruimen
Het ondersteuningsplan dynamisch en creatief bijsturen
1.4.
Coördineren van het planmatig handelen ten aanzien van leerlingen met specifieke onderwijsbehoeften
Zich verantwoordelijk voelen voor een systematische opvolging van leerlingen met speciale noden
De betrokken partijen aanspreken en uitnodigen voor overleg
De verschillende fasen uit het proces van handelingsplanning kennen en hanteren met een voortdurende bijsturing en verfijning van elk van de stappen (beeldvorming, prioritaire doelen bepalen, uitvoering en evaluatie).
Heldere en inzichtelijke afspraken maken met meerdere partijen die betrokken zijn bij de opvolging van de leerling
Op systematische wijze de afspraken uitvoeren en evalueren
Op klassenraden en bij informeel overleg een correcte en gepaste formulering weergeven van de specifieke onderwijsnoden, de mogelijkheden en beperkingen van de leerlingen en de afspraken rond de aanpak en de opvolging hiervan
De voorbereiding van een leerlingbespreking op zich nemen
Het planmatig werken verantwoorden in een dossier, dat de beeldvorming, de doelen, de aanpak en de opvolging weergeeft
Het verslag van een leerlingbespreking schrijven
Erop toezien dat afspraken die rond een leerling gemaakt werden in het team worden nageleefd binnen een redelijke termijn
Met het oog op een lange termijn planning afspraken evalueren en bijsturen
De functie van gespreksleider opnemen in een multidisciplinair overleg (MDO) of klassenraad
Toezien op de coherentie en continuïteit van het handelingsplan
2. Vertaler van het onderwijsaanbod, de leerlijnen en inhouden uit diverse leerdomeinen, rekening houdend met de specifieke onderwijsnoden van de leerlingen
2.1.
Waarderen van de diversiteit in de klasgroep, als uitdaging voor het zoeken naar aanpassingen en als meerwaarde voor het leerproces van iedere leerling
Iedere individuele leerling in de groep erkennen en betrekken bij de activiteiten
Op zoek gaan naar het kind achter het ‘label’
Spontaan in interactie gaan met alle leerlingen, hoe verschillend zij ook zijn
Het recht erkennen op individualisering van de aanpak bij leer-, gedrags- en ontwikkelingsverschillen in de klasgroep
Een leerbevorderende, responsieve onderwijs- en begeleidingsstijl hanteren t.a.v. individuele leerlingen
De groepsdynamiek gebruiken en versterken als leerbevorderende factor voor alle leerlingen
Coöperatief leren gevarieerd en doelgericht inzetten als middel tot interactie en samenwerking
Model staan voor onderwijs- en begeleidingsstijlen die de diversiteit van leerlingen benutten bv coteaching
2.2.
Differentiëren van het aanbod en de aanpak, op basis van de leer-, gedrags- en ontwikkelingsverschillen in de groep
Herkennen van grote verschillen tussen kinderen
Zich bewust zijn van de nood aan aanpassingen bij grote verschillen tussen leerlingen
Lezen van de ondersteuningsvragen als indicaties voor aanpassingen van het klasaanbod
Een brede waaier aan differentiatievaardigheden hanteren en gevarieerd en doelgericht inzetten
Soepel omgaan met differentiatiemaatregelen (incl. pre-teaching, tutoring...)
Differentiëren in instructie en verwerking in functie van de noden van de leerlingen
Moeilijk gedrag begrijpen in een gegeven context
De eigen begeleidingsstijl aanpassen aan grote verschillen in gedrag
Duidelijk en helder rapporteren en evalueren op een manier die recht doet aan het individuele leertraject van elke leerling
Flexibel ondersteunen van de klaspraktijk
Vorming bieden over differentiatievromen , aanpassingen ed
Handleidingen maken in verband met de specifieke leertrajecten en leerlingen
Tips verzamelen van collega’s
Nascholingsbeleid van de school onderzoeken in functie van het zorgaanbod en zorgbeleid en beter klasmanagement.
Nascholingsbeleid helpen uitvoeren
2.3.
Actief op zoek gaan naar hulpmiddelen en ondersteuning die de communicatie- en interactiemogelijkheden van de leerling bevorderen
Het belang kennen van communicatie en interactie voor de sociale en cognitieve ontwikkeling
Geen pestgedrag tolereren in de klas- of schoolgroep
Werk maken van verbondenheid in de klas
Waarderen van spontane interacties en open communicatie tussen leerlingen
Bevragen van de ouders en ondersteuners naar verbetering van de communicatiemogelijkheden
De communicatiemogelijkheden van de leerlingen kennen
Actief op zoek gaan naar aangepaste communicatiemiddelen en –ondersteuning voor leerlingen met communicatieve beperkingen
Het eigen aandeel erkennen in het ontwikkelen van de communicatievaardigheid van de leerlingen
Actief gevarieerde sociale contacten en interacties tussen de leerlingen en met bredere netwerken bevorderen
Specifieke communicatiemiddelen kennen
Gebruik maken van een interactiestijl en beschikbare middelen die de communicatie bevorderen van leerlingen met communicatieve beperkingen
De communicatiemogelijkheden van de leerlingen uitbreiden via een doelgerichte en consequente aanpak
2.4.
Een deskundige en evenwichtige afstemming bieden van het onderwijsaanbod – incl. de leerlijnen - op de specifieke onderwijsnoden van de leerlingen, rekening houdend met een breed toekomstperspectief, maatschappelijke participatie en alle leerdomeinen
Bereid zijn het tempo, het aanbod en de instructie aan te passen aan de individuele verwerkingsmogelijkheden van de leerling met speciale noden
Verkennen en toetsen van kleine aanpassingen van het programma aan de noden van de leerling
Zich bewust zijn van de nood aan afstemming van een geïndividualiseerd aanbod op het groepsprogramma, met het oog op aansluiting bij de klasgroep
De verschillende niveaus van planmatig handelen benoemen en gebruiken (individueel, groeps- en schoolniveau)
Vanuit de verschillende ondersteuningsvragen doelen selecteren voor het groepswerkplan
De beschikbare leerlijnen kritisch benaderen, aanvullen en wijzigen
Blijvende op zoek gaan naar maximale participatiekansen voor leerlingen met specifieke onderwijsbehoeften, in de huidige context en in de toekomst
Individualiseren en aanpassen van het onderwijsaanbod, rekening houdend met het kind in zijn context
Leerlijnen aanpassen voor de individuele afstemming van het onderwijsaanbod
Het geïndividualiseerd aanbod weer afstemmen op de groepsaanpak met het oog op maximale participatie
Leeftijdsadequaat handelen ten aanzien van leerlingen met specifieke onderwijsnoden
Het eigen didactisch handelen ten aanzien van de individuele leerling en de groep creatief en dynamisch bijsturen
3. Partner van ouders, leerlingen en een ruim team van betrokkenen uit de omgeving van de leerling met specifieke onderwijsnoden, vanuit een maatschappelijke verbondenheid
3.1.
In de samenwerking model staan voor een toekomstgerichte en emancipatorische begeleiding
Opkomen voor kwetsbare leerlingen
Bevragen van collega’s naar procedures voor samenwerking
Herkennen van problematische opvoedingssituaties
Openstaan voor vragen en bekommernissen van alle partijen rond leerlingen met specifieke onderwijsnoden
Dromen en toekomstplannen beluisteren die ouders voor hun kinderen koesteren
Erkennen en waarderen van het geloof dat ouders tonen in de mogelijkheden van hun kind
Een positieve kijk hebben op de eigen inbreng van ouders en leerlingen
In het schoolteam opkomen voor de mening van de ouders en de leerling
Op de hoogte zijn van de maatschappelijke structuren van achterstelling
De kansen om ouders en leerlingen weerbaar te maken tegen achterstelling, zien en benutten
Een brede kijk hebben op factoren kennen die tot problematische opvoedingssituaties kunnen leiden
Informatie kennen en ter beschikking stellen omtrent schooleigen procedures, netwerken en samenwerkingsverbanden rond het omgaan met problematische opvoedingssituaties
Met het team actief naar hulp zoeken voor kinderen en gezinnen in een problematische opvoedingssituatie
Actief op zoek gaan naar alle partijen die een rol kunnen spelen in de begeleiding op langere termijn
3.2
Planmatig werken aan ouderbetrokkenheid en ouderparticipatie
Uitbouwen van informele contacten met alle ouders
Ouders betrekken bij de klaswerking
Toegankelijk maken van mondelinge en schriftelijke informatie
Diversiteit van de ouders benutten
Uitwisselen van ervaringen onder ouders (opvoedingsondersteuning)
3.3.
Een duurzame en gelijkwaardige interactie voeren met alle betrokken partijen bij de begeleiding van leerlingen met speciale noden
De betrokken partijen kennen
Begrijpen van de kwetsbaarheid van ouders van leerlingen met speciale noden en hun nood aan overleg
Doelgericht informele en formele contacten onderhouden met alle betrokken partijen
De principes van open communicatie kennen
Communicatievaardigheden bezitten die een constructieve samenwerking ondersteunen
Met alle betrokken partijen een voortdurende dialoog aangaan rond de handelingsplanning en de dagelijkse begeleiding van de leerlingen
De principes van open communicatie toepassen bij de meeste oudercontacten en contacten met andere partijen
Op betrokken en actieve wijze de leerling, de ouders en het team bevragen met betrekking tot een wenselijke en mogelijke aanpak
3.4.
Constructief samenwerken met het begeleidingsteam of met meerdere begeleidingsteams
Zich informeren over betekenisvolle relaties voor de leerling
Bereid zijn tot langdurige samenwerking
Zich informeren over de rol van paramedici, vakcollega’s, ondersteuners en andere professionelen in de begeleiding van leerlingen met speciale noden
Initiatief nemen in de samenwerking met ouders van leerlingen met speciale noden
Een netwerk van betrokken partijen opzoeken, uitnodigen of samenstellen, rekening houdend met betekenisvolle relaties voor de leerling
Planmatig samenwerken aan een duurzame interactie met de buurt en de schoolomgeving
In oudercontacten de behoeften van ouders en omgeving achterhalen en integreren in de aanpak
Actief streven naar een transdisciplinaire aanpak in de samenwerking
Oog hebben voor de aanvaardings- en verwerkingsprocessen bij leerlingen, ouders en familie
De inbreng van de teamleden (paramedici, vakcollega’s, ondersteuners en anderen) beluisteren en integreren in de afspraken en aanpak
Een gesprek en een groep leiden bij overleg (klassenraden, multidisciplinair overleg, informele contacten)
Erkennen van ieders rol en bijdrage in het team
Het gelijkgericht denken in een groep die handelt vanuit verschillende referentiekaders bevorderen
Leerlingen, ouders en familie ruimte en tijd geven om constructief om te gaan met aanvaarding en verwerking van de functiebeperking
4. Coach van collega’s en coördinator van beleidsondersteunende maatregelen bij de implementatie van het planmatig handelen op klas- en schoolniveau
4.1.
Ruime coachingvaardigheden ontwikkelen en collegiale ondersteuning bieden
De onderwijspraktijk observeren in meerdere scholen
Informatieve vragen stellen over de onderwijspraktijk en –ervaringen van anderen
Zelf openstaan voor en aanvaarden van collegiale ondersteuning
De expertise van anderen erkennen
Delen van ervaringen uit de eigen onderwijspraktijk
De kenmerken erkennen van een eigen schoolcultuur
De expertise van anderen integreren in het eigen functioneren
Kennis hebben van meerdere referentiekaders rond de begeleiding van leerlingen met specifieke onderwijsbehoeften
Aansluiten bij de opvattingen, ervaringen, kennis en vaardigheden van de betrokken scholen, leerkrachten en andere partijen
Zicht hebben op de krachten en weerstanden bij veranderingsprocessen in een schoolteam
Eigen expertise effectief inzetten en delen met collega’s en teamleden
Conflicthantering bij verschillende meningen van de diverse betrokkenen
Bewust en kritisch kijken naar het eigen referentiekader omtrent de begeleiding van leerlingen met speciale noden
In overleg zinvolle taken afspreken voor de leerling
Gepast inspelen op krachten en weerstanden bij veranderingsprocessen in meerdere schoolteams
4.2.
Beleidsondersteuning bieden met betrekking tot onderwijsvernieuwing, projecten en schoolvisie
Een ondersteunende rol opnemen in schoolprojecten die onderwijsvernieuwing en visieontwikkeling nastreven
Initiatieven nemen in het vormgeven van aangepaste leerlijnen voor groepswerkplanning in het team
Deelnemen aan werkgroepen die de visie van de school bevragen en bijsturen
Initiatieven nemen in onderwijsvernieuwingsprojecten op school ten aanzien van leerlingen met speciale noden of diversiteit
Een constructieve bijdrage leveren in het (her)formuleren van schoolvisie en onderwijsvernieuwingsprojecten
Een constructieve bijdrage leveren in het vormgeven van schooleigen leerlijnen
Een nascholingsplan vanuit de noden van het schoolteam uitstippelen
In het team een wezenlijke bijdrage leveren tot het tot standkomen, bijsturen en actualiseren van het schoolwerkplan
Met collega’s in team werken aan schoolklimaat waarin verdraagzaamheid, communicatie, conflicthantering, openheid en respect tav diversiteit belangrijke waarden zijn
5. Zichzelf sturende en geëngageerde persoon die voortdurend leert uit eigen en andermans ervaringen en uit meerdere bronnen.
5.1.
Bereid zijn zich voortdurend te informeren en bij te scholen met betrekking tot de begeleiding van leerlingen met specifieke onderwijsnoden
Zich aangesproken en betrokken voelen wanneer informatie over leerlingen met speciale noden, hun onderwijs, begeleiding en maatschappelijke positie in de actualiteit is
Actief op zoek gaan naar actuele informatie over leerlingen met specifieke onderwijsnoden via literatuur en bijscholing
Zich actief inzetten om de kennis over leerlingen met specifieke onderwijsnoden te verspreiden door deelname aan werkgroepen e.d.
5.2.
Bevragen, overleggen en voortdurend bijsturen van het eigen handelen
De noodzaak erkennen van open communicatie rond het eigen handelen als middel tot leren in de praktijk
Zich bewust zijn van zijn handelingsverlegenheid t.a.v. leerlingen bij wie het toekomstperspectief bedreigd is
Geloven in het eigen aandeel in de ontwikkeling van leerlingen met speciale noden
Voortdurend bevragen van het eigen handelen t.a.v. leerlingen met speciale noden via mentoring en intervisie
Het eigen aandeel zien in het tot standkomen van moeilijk of positief gedrag van de leerlingen
Handelen in voortdurend overleg, open voor tips en kritische bemerkingen van andere partijen
Het eigen handelen bijsturen vanuit een reflectie over het eigen aandeel in het gedrag van leerlingen
Bewust en kritisch kijken naar de eigen begeleidingsstijl
1.Planmatig begeleider van leerlingen met specifieke onderwijsnoden
1.1.
Een positieve grondhouding bezitten met betrekking tot de mogelijkheden en toekomstkansen van de leerlingen
Op zoek gaan naar kennis en advies omtrent de ontwikkelingsmogelijkheden van kwetsbare leerlingen
Geloof tonen in de mogelijkheden tot ontwikkeling van iedere leerling, hoe beperkt of verstoord de ontwikkeling ook mag zijn
Verdedigen van het recht op persoonlijke ontwikkeling en de ontplooiingskansen van ieder kind
Actief op zoek gaan naar ontwikkelingsmogelijkheden via observatie, interactie en via gebruik van beschikbare hulpmiddelen
Het recht op communicatie en sociaal contact erkennen als fundamentele behoefte en als voorwaarde tot leren
Zich actief inzetten tegen elke vorm van achterstelling van elke leerling
Getuigen van een doordacht en volgehouden engagement t.a.v. elke leerling in alle omstandigheden
1.2.
Gegevens verzamelen, selecteren en ethisch correct hanteren als basis voor een goede beeldvorming van de leerling en herkenning van zijn noden
Signalen zien van problemen bij leerlingen
Herkennen en benoemen van signalen van leer-, gedrags- of ontwikkelingsproblemen bij de leerling
Beluisteren van het beeld dat CLB, collega’s en ouders geven van een leerling met speciale noden
Bevragen van collega’s omtrent diagnostische gegevens, schoolloopbaan en andere relevante informatie betreffende de leerlingen
Zich bewust zijn van de vereiste om deontologisch om te gaan met gegevens van leerlingen
In alle omstandigheden deontologisch correct omgaan met de gegevens van individuele leerlingen en hun omgeving
Actief op zoek gaan naar informatie om zich een totaalbeeld te kunnen vormen van een leerling met een specifieke ondersteuningsvraag
Leerlingen kritisch en gedetailleerd observeren over een langere periode
Kennis bezitten van handelingsgerichte diagnostiek, diagnostische instrumenten en hun toepassingen
Gebruik maken van diagnostische gegevens, observaties en informatie uit de brede context (schoolloopbaan, gezin, ruime omgeving)
Gebruik maken van kennis van specifieke ondersteuningsvragen als duiding en als achtergrondinformatie
Selecteren van de meest relevante gegevens als basis voor een voorlopige beeldvorming van de leerling
Een hypothese kunnen formuleren omtrent de oorzaken en de aard van grote leer-, gedrags- of ontwikkelingsverschillen bij individuele leerlingen, rekening houdend met alle beschikbare gegevens
De ondersteuningsvraag steeds verder verfijnen, rekening houdend met het kind in zijn context, incl. beperkende en beschermende factoren
Een essentiële ondersteuningsvraag afleiden uit de beeldvorming
De observaties correct interpreteren vanuit meerdere referentiekaders in overleg met het team
Een uitgebreider en geïntegreerde beeldvorming van de leerling weergeven op basis van observaties in de dagelijkse schoolcontext en nieuwe informatie uit de omgeving
Uit de beeldvorming verschillende mogelijke ondersteuningsvragen afleiden en beoordelen vanuit verschillende referentiekaders
1.3.
Individuele doelen formuleren en gebruiken als basis voor de planning, uitvoering en opvolging van de begeleiding en het onderwijs van de leerling met speciale noden
Bereid zijn doelen aan te passen aan de individuele noden van leerlingen
De nood erkennen aan systematische begeleiding van individuele leerlingen
Op zoek gaan naar voorschriften en tips omtrent de aanpak van leerlingen met speciale noden
Bereid zijn tot intensieve en individueel aangepaste evaluatie van leerlingen
Op basis van de ondersteuningsvraag relevante doelen selecteren uit ondermeer de “eindtermen” en de ontwikkelingsdoelen, rekening houdend met een breed toekomstperspectief van de leerling en met de gegeven context
Vanuit de geselecteerde doelen prioritaire doelen koppelen aan de ondersteuningsvraag, op individueel en op groepsniveau
Steeds creatief op zoek gaan naar nieuwe stappen, hoe klein ook, in de ontwikkeling die de toekomstkansen zinvol verruimen
Het ondersteuningsplan dynamisch en creatief bijsturen
1.4.
Coördineren van het planmatig handelen ten aanzien van leerlingen met specifieke onderwijsbehoeften
Zich verantwoordelijk voelen voor een systematische opvolging van leerlingen met speciale noden
De betrokken partijen aanspreken en uitnodigen voor overleg
De verschillende fasen uit het proces van handelingsplanning kennen en hanteren met een voortdurende bijsturing en verfijning van elk van de stappen (beeldvorming, prioritaire doelen bepalen, uitvoering en evaluatie).
Heldere en inzichtelijke afspraken maken met meerdere partijen die betrokken zijn bij de opvolging van de leerling
Op systematische wijze de afspraken uitvoeren en evalueren
Op klassenraden en bij informeel overleg een correcte en gepaste formulering weergeven van de specifieke onderwijsnoden, de mogelijkheden en beperkingen van de leerlingen en de afspraken rond de aanpak en de opvolging hiervan
De voorbereiding van een leerlingbespreking op zich nemen
Het planmatig werken verantwoorden in een dossier, dat de beeldvorming, de doelen, de aanpak en de opvolging weergeeft
Het verslag van een leerlingbespreking schrijven
Erop toezien dat afspraken die rond een leerling gemaakt werden in het team worden nageleefd binnen een redelijke termijn
Met het oog op een lange termijn planning afspraken evalueren en bijsturen
De functie van gespreksleider opnemen in een multidisciplinair overleg (MDO) of klassenraad
Toezien op de coherentie en continuïteit van het handelingsplan
2. Vertaler van het onderwijsaanbod, de leerlijnen en inhouden uit diverse leerdomeinen, rekening houdend met de specifieke onderwijsnoden van de leerlingen
2.1.
Waarderen van de diversiteit in de klasgroep, als uitdaging voor het zoeken naar aanpassingen en als meerwaarde voor het leerproces van iedere leerling
Iedere individuele leerling in de groep erkennen en betrekken bij de activiteiten
Op zoek gaan naar het kind achter het ‘label’
Spontaan in interactie gaan met alle leerlingen, hoe verschillend zij ook zijn
Het recht erkennen op individualisering van de aanpak bij leer-, gedrags- en ontwikkelingsverschillen in de klasgroep
Een leerbevorderende, responsieve onderwijs- en begeleidingsstijl hanteren t.a.v. individuele leerlingen
De groepsdynamiek gebruiken en versterken als leerbevorderende factor voor alle leerlingen
Coöperatief leren gevarieerd en doelgericht inzetten als middel tot interactie en samenwerking
Model staan voor onderwijs- en begeleidingsstijlen die de diversiteit van leerlingen benutten bv coteaching
2.2.
Differentiëren van het aanbod en de aanpak, op basis van de leer-, gedrags- en ontwikkelingsverschillen in de groep
Herkennen van grote verschillen tussen kinderen
Zich bewust zijn van de nood aan aanpassingen bij grote verschillen tussen leerlingen
Lezen van de ondersteuningsvragen als indicaties voor aanpassingen van het klasaanbod
Een brede waaier aan differentiatievaardigheden hanteren en gevarieerd en doelgericht inzetten
Soepel omgaan met differentiatiemaatregelen (incl. pre-teaching, tutoring...)
Differentiëren in instructie en verwerking in functie van de noden van de leerlingen
Moeilijk gedrag begrijpen in een gegeven context
De eigen begeleidingsstijl aanpassen aan grote verschillen in gedrag
Duidelijk en helder rapporteren en evalueren op een manier die recht doet aan het individuele leertraject van elke leerling
Flexibel ondersteunen van de klaspraktijk
Vorming bieden over differentiatievromen , aanpassingen ed
Handleidingen maken in verband met de specifieke leertrajecten en leerlingen
Tips verzamelen van collega’s
Nascholingsbeleid van de school onderzoeken in functie van het zorgaanbod en zorgbeleid en beter klasmanagement.
Nascholingsbeleid helpen uitvoeren
2.3.
Actief op zoek gaan naar hulpmiddelen en ondersteuning die de communicatie- en interactiemogelijkheden van de leerling bevorderen
Het belang kennen van communicatie en interactie voor de sociale en cognitieve ontwikkeling
Geen pestgedrag tolereren in de klas- of schoolgroep
Werk maken van verbondenheid in de klas
Waarderen van spontane interacties en open communicatie tussen leerlingen
Bevragen van de ouders en ondersteuners naar verbetering van de communicatiemogelijkheden
De communicatiemogelijkheden van de leerlingen kennen
Actief op zoek gaan naar aangepaste communicatiemiddelen en –ondersteuning voor leerlingen met communicatieve beperkingen
Het eigen aandeel erkennen in het ontwikkelen van de communicatievaardigheid van de leerlingen
Actief gevarieerde sociale contacten en interacties tussen de leerlingen en met bredere netwerken bevorderen
Specifieke communicatiemiddelen kennen
Gebruik maken van een interactiestijl en beschikbare middelen die de communicatie bevorderen van leerlingen met communicatieve beperkingen
De communicatiemogelijkheden van de leerlingen uitbreiden via een doelgerichte en consequente aanpak
2.4.
Een deskundige en evenwichtige afstemming bieden van het onderwijsaanbod – incl. de leerlijnen - op de specifieke onderwijsnoden van de leerlingen, rekening houdend met een breed toekomstperspectief, maatschappelijke participatie en alle leerdomeinen
Bereid zijn het tempo, het aanbod en de instructie aan te passen aan de individuele verwerkingsmogelijkheden van de leerling met speciale noden
Verkennen en toetsen van kleine aanpassingen van het programma aan de noden van de leerling
Zich bewust zijn van de nood aan afstemming van een geïndividualiseerd aanbod op het groepsprogramma, met het oog op aansluiting bij de klasgroep
De verschillende niveaus van planmatig handelen benoemen en gebruiken (individueel, groeps- en schoolniveau)
Vanuit de verschillende ondersteuningsvragen doelen selecteren voor het groepswerkplan
De beschikbare leerlijnen kritisch benaderen, aanvullen en wijzigen
Blijvende op zoek gaan naar maximale participatiekansen voor leerlingen met specifieke onderwijsbehoeften, in de huidige context en in de toekomst
Individualiseren en aanpassen van het onderwijsaanbod, rekening houdend met het kind in zijn context
Leerlijnen aanpassen voor de individuele afstemming van het onderwijsaanbod
Het geïndividualiseerd aanbod weer afstemmen op de groepsaanpak met het oog op maximale participatie
Leeftijdsadequaat handelen ten aanzien van leerlingen met specifieke onderwijsnoden
Het eigen didactisch handelen ten aanzien van de individuele leerling en de groep creatief en dynamisch bijsturen
3. Partner van ouders, leerlingen en een ruim team van betrokkenen uit de omgeving van de leerling met specifieke onderwijsnoden, vanuit een maatschappelijke verbondenheid
3.1.
In de samenwerking model staan voor een toekomstgerichte en emancipatorische begeleiding
Opkomen voor kwetsbare leerlingen
Bevragen van collega’s naar procedures voor samenwerking
Herkennen van problematische opvoedingssituaties
Openstaan voor vragen en bekommernissen van alle partijen rond leerlingen met specifieke onderwijsnoden
Dromen en toekomstplannen beluisteren die ouders voor hun kinderen koesteren
Erkennen en waarderen van het geloof dat ouders tonen in de mogelijkheden van hun kind
Een positieve kijk hebben op de eigen inbreng van ouders en leerlingen
In het schoolteam opkomen voor de mening van de ouders en de leerling
Op de hoogte zijn van de maatschappelijke structuren van achterstelling
De kansen om ouders en leerlingen weerbaar te maken tegen achterstelling, zien en benutten
Een brede kijk hebben op factoren kennen die tot problematische opvoedingssituaties kunnen leiden
Informatie kennen en ter beschikking stellen omtrent schooleigen procedures, netwerken en samenwerkingsverbanden rond het omgaan met problematische opvoedingssituaties
Met het team actief naar hulp zoeken voor kinderen en gezinnen in een problematische opvoedingssituatie
Actief op zoek gaan naar alle partijen die een rol kunnen spelen in de begeleiding op langere termijn
3.2
Planmatig werken aan ouderbetrokkenheid en ouderparticipatie
Uitbouwen van informele contacten met alle ouders
Ouders betrekken bij de klaswerking
Toegankelijk maken van mondelinge en schriftelijke informatie
Diversiteit van de ouders benutten
Uitwisselen van ervaringen onder ouders (opvoedingsondersteuning)
3.3.
Een duurzame en gelijkwaardige interactie voeren met alle betrokken partijen bij de begeleiding van leerlingen met speciale noden
De betrokken partijen kennen
Begrijpen van de kwetsbaarheid van ouders van leerlingen met speciale noden en hun nood aan overleg
Doelgericht informele en formele contacten onderhouden met alle betrokken partijen
De principes van open communicatie kennen
Communicatievaardigheden bezitten die een constructieve samenwerking ondersteunen
Met alle betrokken partijen een voortdurende dialoog aangaan rond de handelingsplanning en de dagelijkse begeleiding van de leerlingen
De principes van open communicatie toepassen bij de meeste oudercontacten en contacten met andere partijen
Op betrokken en actieve wijze de leerling, de ouders en het team bevragen met betrekking tot een wenselijke en mogelijke aanpak
3.4.
Constructief samenwerken met het begeleidingsteam of met meerdere begeleidingsteams
Zich informeren over betekenisvolle relaties voor de leerling
Bereid zijn tot langdurige samenwerking
Zich informeren over de rol van paramedici, vakcollega’s, ondersteuners en andere professionelen in de begeleiding van leerlingen met speciale noden
Initiatief nemen in de samenwerking met ouders van leerlingen met speciale noden
Een netwerk van betrokken partijen opzoeken, uitnodigen of samenstellen, rekening houdend met betekenisvolle relaties voor de leerling
Planmatig samenwerken aan een duurzame interactie met de buurt en de schoolomgeving
In oudercontacten de behoeften van ouders en omgeving achterhalen en integreren in de aanpak
Actief streven naar een transdisciplinaire aanpak in de samenwerking
Oog hebben voor de aanvaardings- en verwerkingsprocessen bij leerlingen, ouders en familie
De inbreng van de teamleden (paramedici, vakcollega’s, ondersteuners en anderen) beluisteren en integreren in de afspraken en aanpak
Een gesprek en een groep leiden bij overleg (klassenraden, multidisciplinair overleg, informele contacten)
Erkennen van ieders rol en bijdrage in het team
Het gelijkgericht denken in een groep die handelt vanuit verschillende referentiekaders bevorderen
Leerlingen, ouders en familie ruimte en tijd geven om constructief om te gaan met aanvaarding en verwerking van de functiebeperking
4. Coach van collega’s en coördinator van beleidsondersteunende maatregelen bij de implementatie van het planmatig handelen op klas- en schoolniveau
4.1.
Ruime coachingvaardigheden ontwikkelen en collegiale ondersteuning bieden
De onderwijspraktijk observeren in meerdere scholen
Informatieve vragen stellen over de onderwijspraktijk en –ervaringen van anderen
Zelf openstaan voor en aanvaarden van collegiale ondersteuning
De expertise van anderen erkennen
Delen van ervaringen uit de eigen onderwijspraktijk
De kenmerken erkennen van een eigen schoolcultuur
De expertise van anderen integreren in het eigen functioneren
Kennis hebben van meerdere referentiekaders rond de begeleiding van leerlingen met specifieke onderwijsbehoeften
Aansluiten bij de opvattingen, ervaringen, kennis en vaardigheden van de betrokken scholen, leerkrachten en andere partijen
Zicht hebben op de krachten en weerstanden bij veranderingsprocessen in een schoolteam
Eigen expertise effectief inzetten en delen met collega’s en teamleden
Conflicthantering bij verschillende meningen van de diverse betrokkenen
Bewust en kritisch kijken naar het eigen referentiekader omtrent de begeleiding van leerlingen met speciale noden
In overleg zinvolle taken afspreken voor de leerling
Gepast inspelen op krachten en weerstanden bij veranderingsprocessen in meerdere schoolteams
4.2.
Beleidsondersteuning bieden met betrekking tot onderwijsvernieuwing, projecten en schoolvisie
Een ondersteunende rol opnemen in schoolprojecten die onderwijsvernieuwing en visieontwikkeling nastreven
Initiatieven nemen in het vormgeven van aangepaste leerlijnen voor groepswerkplanning in het team
Deelnemen aan werkgroepen die de visie van de school bevragen en bijsturen
Initiatieven nemen in onderwijsvernieuwingsprojecten op school ten aanzien van leerlingen met speciale noden of diversiteit
Een constructieve bijdrage leveren in het (her)formuleren van schoolvisie en onderwijsvernieuwingsprojecten
Een constructieve bijdrage leveren in het vormgeven van schooleigen leerlijnen
Een nascholingsplan vanuit de noden van het schoolteam uitstippelen
In het team een wezenlijke bijdrage leveren tot het tot standkomen, bijsturen en actualiseren van het schoolwerkplan
Met collega’s in team werken aan schoolklimaat waarin verdraagzaamheid, communicatie, conflicthantering, openheid en respect tav diversiteit belangrijke waarden zijn
5. Zichzelf sturende en geëngageerde persoon die voortdurend leert uit eigen en andermans ervaringen en uit meerdere bronnen.
5.1.
Bereid zijn zich voortdurend te informeren en bij te scholen met betrekking tot de begeleiding van leerlingen met specifieke onderwijsnoden
Zich aangesproken en betrokken voelen wanneer informatie over leerlingen met speciale noden, hun onderwijs, begeleiding en maatschappelijke positie in de actualiteit is
Actief op zoek gaan naar actuele informatie over leerlingen met specifieke onderwijsnoden via literatuur en bijscholing
Zich actief inzetten om de kennis over leerlingen met specifieke onderwijsnoden te verspreiden door deelname aan werkgroepen e.d.
5.2.
Bevragen, overleggen en voortdurend bijsturen van het eigen handelen
De noodzaak erkennen van open communicatie rond het eigen handelen als middel tot leren in de praktijk
Zich bewust zijn van zijn handelingsverlegenheid t.a.v. leerlingen bij wie het toekomstperspectief bedreigd is
Geloven in het eigen aandeel in de ontwikkeling van leerlingen met speciale noden
Voortdurend bevragen van het eigen handelen t.a.v. leerlingen met speciale noden via mentoring en intervisie
Het eigen aandeel zien in het tot standkomen van moeilijk of positief gedrag van de leerlingen
Handelen in voortdurend overleg, open voor tips en kritische bemerkingen van andere partijen
Het eigen handelen bijsturen vanuit een reflectie over het eigen aandeel in het gedrag van leerlingen
Bewust en kritisch kijken naar de eigen begeleidingsstijl
|
|---|