| Leerresultaten | Geïntegreerde lerarenopleiding lager onderwijs (1) De beginsituatie van de leerlingen en de leergroep achterhalen. (2) Doelstellingen kiezen en formuleren op basis van de leerplannen en het pedagogisch project en rekening houdend met de beginsituatie. (3) Leerinhouden selecteren, structureren en vertalen in (ook vakoverschrijdende) opdrachten. (4) Leermiddelen kiezen en aanpassen en een adequate leeromgeving realiseren. (5) Proces en product evalueren, met het oog op bijsturing en remediëring. (6) Een positief leefklimaat creëren voor elk kind en werken aan attitudevorming met het oog op emancipatie, individuele ontplooiing en maatschappelijke participatie. (7) Adequaat omgaan met leerlingen met sociaal-emotionele en gedragsproblemen. (8) De basiskennis van de verschillende leergebieden beheersen en aanwenden, met aandacht voor recente evoluties en de band met het geheel van het onderwijsaanbod. (9) Een gestructureerd werkklimaat bevorderen en een soepel en efficiënt les- en dagverloop creëren. (10) Op creatieve wijze de eigen klaspraktijk vernieuwen vanuit reflectie op eigen functioneren en in confrontatie met kennis van vernieuwende inzichten. (11) Zich op de hoogte stellen van en discreet omgaan met gegevens over de leerling, aan ouders/verzorgers informatie en advies verschaffen en zich documenteren over rechtszekerheid. (12) Binnen een team een taakverdeling en de eigen pedagogisch-didactische aanpak overleggen. (13) Contacten leggen en samenwerken met instanties die onderwijsbetrokken initiatieven aanbieden. (14) Deelnemen aan het maatschappelijk debat over onderwijskundige thema's en reflecteren op het beroep van leraar in de samenleving. (15) Een brede interesse tonen voor culturele thema's en deze kritisch benaderen. (16) Alle bijkomende eindtermen zoals vermeld in artikel 58 §2-1° van het decreet betreffende de herstructurering van het hoger onderwijs in Vlaanderen. |
|---|